Terug naar de lijst

RADIO BELUISTEREN

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Menu “Multimedia”

Druk in het hoofdmenu achtereenvolgens op “Multimedia” en “Radio”, of druk in een menu op de sneltoets 1.

“Radio”

Een golfbereik selecteren

Selecteer “ FM”, “ AM” of “ DR” (digitale radio) door te drukken op “Band” op het multimediascherm.

U kunt ook een golfbereik kiezen met de bedieningsknop onder het stuur.

U kunt ook een opgeslagen station kiezen via de knop op de bediening bij het stuurwiel.

« AM »

Een station kiezen AM

Er zijn verschillende manieren om een radiostation te selecteren. Selecteer, nadat u “ AM” hebt gekozen, de gewenste modus door op de tabs 2 of 3 te drukken.

Er zijn twee zoekmodi:

- “Frequenties”-modus (tab 3);

- modus “Voorinst.” (tab 2).

« FM »

Een station kiezen FM

Er zijn verschillende manieren om een radiostation te selecteren. Selecteer, nadat u “ FM” hebt gekozen, de gewenste modus door op de tabs 2, 3 of 4 te drukken. U krijgt de keuze tussen drie zoekmodi:

- “Frequenties”-modus (tab 3);

- “Zenders”-modus (tab 4);

- modus “Voorinst.” (tab 2).

werking “Frequenties”

Met deze werking kunt u het gekozen golfbereik handmatig of automatisch afzoeken naar radiostations.

Om het golfbereik af te zoeken, hebt u twee mogelijkheden:

- handmatig zoeken: doorloop de frequenties door achtereenvolgens in frequentiezone 5 te drukken of door op 6 te drukken;

- automatisch zoeken: ga naar het vorige of het volgende station door op 7 te drukken.

Modus “Zenders” (enkel FM)

In deze stand kunt u een radiostation waarvan u de naam kent, gemakkelijk terugvinden in een alfabetisch gerangschikte lijst. Het is mogelijk tot 50 beschikbare radiostations af te zoeken.

Doorloop snel de lijst om alle stations voorbij te laten komen. Het radiostation 8 waarop u bent gestopt, wordt aangezet. U kunt ook op een radiostation uit de lijst drukken.

Als de radiostations geen gebruik maken van het RDS-systeem of als de auto zich in een gebied met een slechte radio-ontvangst bevindt, verschijnt de naam van de stations niet op het scherm. Alleen hun frequentie wordt aan het begin van de lijst aangegeven.

“Opslaan als voorinstelling”

Met deze functie kunt u het station waarnaar u op dat ogenblik luistert opslaan. Hiervoor

- Druk, in de modus “Frequenties” of “Zenders” op 10 en daarna op “Opslaan als voorinstelling” en selecteer een sleuf 9.

of

- houd vanaf de modus “Voorinst.” één van de toetsen 9 ingedrukt tot u een piep hoort en een boodschap bovenaan op het scherm wordt weergegeven.

Per golflengte kunt u twaalf radiostations opslaan.

werking “Voorinst.”

Geeft toegang tot de eerder opgeslagen radiostations. Zie voor meer informatie ‘Een station opslaan’ in dit hoofdstuk.

Druk op een van de 9-toetsen (genummerd van 1 t/m 12) om het station te selecteren waarnaar u wilt luisteren.

Submenu 9

Afhankelijk van het geselecteerde golfbereik ( AM of FM) en de geactiveerde modus, drukt u op 10 om het volgende te doen:

- “Bron wijzigen”;

- “Opslaan als voorinstelling”;

- naar de “Instellingen”-radio gaan

- naar de “Geluidsinstellingen” gaan.

“Bron wijzigen”

Met deze functie kunt u de audiobron wijzigen (“Radio”, “ USB”, “ AUX”,...).

U kunt wisselen van audiobron met behulp van de knop op de bediening bij het stuurwiel.

U kunt ook een opgeslagen station kiezen via de knop op de bediening bij het stuurwiel.

‘Instellingen’

Vanaf dit menu kunt u de volgende items desgewenst inschakelen:

- « AM » ;

- “Radiotekst”;

- “Regio”;

- “TA / I-Traffic”.

« AM »

In dit menu kan de “ AM”-band worden in- of uitgeschakeld.

“Radiotekst”

(Tekstinformatie)

Sommige FM-radiostations zenden tekstinformatie uit over het beluisterde programma (bijvoorbeeld de titel van een lied).

NB: deze informatie is enkel op bepaalde radiostations beschikbaar.

“Regio”

Als de functie “Regio” actief is en als het signaal van de huidige frequentie te zwak is, schakelt de radio alleen naar een nieuwe frequentie die hetzelfde soort programma uitzendt.

Als de functie “Regio” is uitgeschakeld en als het signaal van de huidige frequentie te zwak is, schakelt de radio een nieuwe frequentie die een regionale variant uitzendt.

“TA / I-Traffic”

(Verkeersinformatie)

Naargelang van het land, zorgt het audiosysteem als deze functie actief is voor het automatisch zoeken en luisteren naar verkeersinformatie zodra deze door bepaalde FMradiostations uitgezonden wordt.

U moet een radiostation selecteren dat verkeersinformatie uitzendt.

Opmerking: als er momenteel een andere geluidsbron in gebruik is ( USB, Bluetooth), wordt deze automatisch onderbroken als er verkeersinformatie wordt ontvangen.

“Geluidsinstellingen”

Met deze functie kunt u het geluidsniveau instellen en de waarde van de lage en hoge tonen verhogen of verlagen. Raadpleeg voor meer informatie het hoofdstuk over “Multimedia-instellingen”.

« DR »

Een station kiezen DR

(terrestrische digitale radio)

De digitale radio biedt een ruimere keuze aan radiostations, een betere geluidskwaliteit en aanvullende informatie.

Er zijn verschillende manieren om een radiostation te selecteren. Selecteer, nadat u “ DR” hebt gekozen, de gewenste modus door op een van de drie beschikbare tabs te drukken:

- werking “Kanalen” 11;

- werking “Zenders” 12;

- werking “Voorinst.” 13.

werking “Kanalen”

In deze modus kan de gebruiker handmatig naar een radiostation zoeken door op een van de toetsen 15 te drukken.

Werking “Zenders” en “Voorinst.”

Lees de informatie over de modus “Zenders” en de modus “Voorinst. in dit hoofdstuk.

Submenu 14

Afhankelijk van de geselecteerde modus, drukt u op 14 om:

- naar de “Interactieve dienst” gaan

- “Bron wijzigen” (Radio, USB enz.) ;

- “Opslaan als voorinstelling”;

- “Lijst bijwerken”;

- toegang tot “Instellingen” of “Multimedia-instellingen” van de modus DR.

“Interactieve dienst”

Druk op 14 en daarna op “Interactieve dienst” om:

- naar de “EPG” gaan

- naar de “Diavoorstelling” gaan

- naar de “Grafische dienst” gaan.

“EPG”

(EPG)

In dit menu kunt u de programma-indeling van de DR-radio bekijken (terrestrische digitale radio).

“Grafische dienst”

Gebruik dit menu om de website te bekijken van het station waarop u momenteel bent afgestemd.

U kunt ook een opgeslagen station kiezen via de knop op de bediening bij het stuurwiel.

Om veiligheidsredenen mogen deze acties enkel worden uitgevoerd als de auto stilstaat.

“Diavoorstelling”

Met dit menu kunt u afbeeldingen die door het station worden verstrekt, bekijken in de vorm van een diavoorstelling.

U kunt ook naar dit menu gaan door op 16 te drukken.

Opmerking: de diavoorstelling 16 wordt afgespeeld als de functie Tijdsverschuiving (rechtstreekse bediening) is uitgeschakeld.

“Bron wijzigen”

Met deze functie kunt u de audiobron wijzigen (“Radio”, “ USB”, “ AUX” enz.)

Een station opslaan

Druk in modus “Kanalen” of modus “Zenders” op 14 en daarna op “Opslaan als voorinstelling”.

U kunt ook lang op één van de voorkeuzetoetsen drukken tot u een geluidssignaal hoort.

Per golflengte kunt u twaalf radiostations opslaan.

“Lijst bijwerken”

Kies dit menu om de lijst met radiostations bij te werken.

U kunt wisselen van audiobron met behulp van de knop op de bediening bij het stuurwiel.

‘Instellingen’

Druk, in de modus “Kanalen”, “Zenders” of “Voorinst.” op 14, en daarna op “Instellingen” om naar de digitale radio-instellingen te gaan. Vanaf de instellingen kunt u de volgende items desgewenst in- of uitschakelen:

- “Radiotekst”;

- “Simulcast/overdracht”;

- “Tijdsverschuiving”;

- “TA / I-Traffic”;

- “I-berichtgeving”.

“Radiotekst”

(Tekstinformatie)

Sommige stations van de digitale radio zenden tekstinformatie uit over het beluisterde programma (bijvoorbeeld de titel van een lied).

NB: deze informatie is enkel op bepaalde radiostations beschikbaar.

“Simulcast/overdracht”

Activeer deze functie als de ontvangst van het geselecteerde digitale FM -station slecht is. Het audiosysteem maakt automatisch opnieuw verbinding met hetzelfde digitale FM -station zodra de ontvangst verbetert.

Opmerking: deze functie is alleen beschikbaar voor FM-stations.

“Tijdsverschuiving”

(direct control)

Met deze functie kunt u het radiostation beluisteren door gebruik te maken van de schuifbalk 18.

Druk op 17 om het audiosysteem te pauzeren en het station op te slaan tijdens het luisteren. Druk op “ ” om het opgeslagen radiostation weer aan te zetten. Na het afspelen kunt u de schuifbalk 18 gebruiken om opnieuw te beluisteren.

NB: druk op “ Live” of wacht totdat de schuifbalk aan het einde is om het radiostation weer live te beluisteren.

“TA / I-Traffic”

(verkeersinformatie)

Naargelang van het land zorgt deze functie ervoor dat uw audiosysteem automatisch verkeersinformatie kan ontvangen die door bepaalde digitale radiostations wordt uitgezonden.

“I-berichtgeving”

Druk op “I-berichtgeving” om de hierna volgende berichten in te schakelen of uit te schakelen. Uw audiosysteem ontvangt voor elk geactiveerd bericht automatisch de bijbehorende berichten wanneer die door bepaalde digitale radiostations worden uitgezonden.

- “Verkeersnieuws”;

- “Waarschuwing”;

- “Nieuws”;

- “Weer”;

- “Evenement”;

- “Speciale gebeurtenis”;

- “Radio-informatie”;

- “Sport”;

- “Financiën”.

Multimedia

Spraakherkenning gebruiken om een radiostation te kiezen?